Blog

Ditjes en datjes...

Over hoe opvoeden vandaag òòk kan!

Wat trauma met mij deed als mama (en wat ik eruit leerde)

In lezingen vertel ik vaak dat kinderen geboren worden met bepaalde (onderbewuste) verwachtingen. Die verwachtingen komen voort uit diepgewortelde lichamelijke instincten die erop gericht zijn ons veilig te houden; ze zijn gericht op overleving.

 

In kinderen zie je bijvoorbeeld de grijpreflex nog verder leven. Ook bijvoorbeeld het feit dat kinderen de band met hun hechtingsfiguur faciliteren, deels ongewild door lichamelijke karakteristieken maar anderzijds ook doordat ze fouten die hun verzorgers maken wijten aan zichzelf – zo kunnen ze hun ouders als leiders blijven aanvaarden. Kinderen verwachten dat ze ook 's nachts veilig gehouden worden. Immers in ons lichaam zitten nog herinneringen ingebakken aan een tijd waarin we 's nachts niet zo gezellig in een knus huisje woonden. Vele van de heftige reacties en angsten van kinderen zijn een logisch gevolg van de discrepantie tussen hun “ingebakken” verwachtingen en de manier waarop ons leven vandaag is georganiseerd en stelselmatig niet kan voldoen aan deze verwachtingen. Wie hier meer over wilt weten kan ook even het boek “Op Zoek naar het Verloren Geluk” van Jean Liedloff open slaan.

 

Nu is het zo dat ouders gelijkaardige, diepgewortelde instincten hebben, die erop gericht zijn de overleving van hun kind te garanderen. Ouders zijn “hard-wired” om hun kind te beschermen. Deze instinctieve wens zit in al onze cellen ingebakken. Kunnen we ons kind niet beschermen, en ervaart ons kind trauma, dan is de situatie meestal ook een trigger voor trauma in de mama en/of papa. Om de eenvoudige reden, dat ook wij ervaren dat een situatie inging tegen onze meest primaire instincten. Vaak bijvoorbeeld, wanneer ons kind van ons werd weggenomen in een situatie die ons lichaam heeft gecategoriseerd als onveilig, dan mag onze logica nog zeggen wat hij of zij wilt – ons lichaam kan onbewust overtuigd zijn dat ons kind is gestorven. Het kan zich bijgevolg deels afsluiten van de realiteit van ons kind – als overlevingsstrategie in een onveilige situatie – en het kan moeilijk zijn weer in de relatie met ons kind te stappen. Begrijpen we bijvoorbeeld ziekenhuissituaties als “logisch”, dan kan het nog zijn dat ons lichaam met trauma reageert op deze ervaring (dit is best een ingewikkeld proces – het is een speciale vorm van de 'shut-down' respons; hierover nog meer in een komende post). We kunnen onze biologie niet zomaar "passeren".

 

Toen mijn dochter en ik een traumatische ervaring deelden in het ziekenhuis (zie link die is ingebed), merkte ik bij haar een aantal trauma-symptomen op. Hierover schrijf ik later meer. Belangrijker misschien: ik merkte ook bij mezelf trauma-symptomen. Die zagen er als volgt uit:

 

* Irritatie met mijn dochter (een irritatie die moeilijk te controleren was); afwijzing

* Plots vertrouwde ik mijn dochter niet meer (hoe ze evolueerde, groeide – ik had telkens het gevoel dat er iets “mis” was met haar)

* Ik kon mijn eigen intuïtie als moeder niet meer vinden, raken. Ik zat voor het eerst met mijn handen in het haar: “hoe moet ik reageren?”

* Mijn dochter was als het ware een “trauma-trigger” geworden voor mij. Ze herinnerde me aan een situatie die ik niet had gewild. Dat kwam tussen onze relatie te zitten.

* Ik had effectief ook het gevoel dat mijn dochter voor mij, op een bepaald niveau, “gestorven” was (en ik voor haar – zij speelde bijvoorbeeld ook spelletjes die gingen over 'haar mama die gestorven was').

 

Mijn dochter en ik hebben in zekere zin geluk gehad. Ze was 2,5 jaar toen we een nare ervaring deelden. Dat betekent dat we elkaar al “kenden” van voorheen. Ik had mijn intuïtie als mama geproefd. Ik kende het gevoel van haar te vertrouwen. Ik wist hoe het voelde om aan haar zijde te staan. Ik was het dan wel even verloren, maar ik wist waarnaar (opnieuw) te zoeken. Het was nog een lang proces om terug te staan waar ik eerst stond, maar tenminste wist ik hoe dat plekje eruit zag.

 

Mijn dochter en ik hadden een thuisbevalling gehad. Een zware thuisbevalling, goed, maar van geboortetrauma was geen sprake geweest. Plots begreep ik iets. Ik keek met heel andere ogen naar de ouders die ik vaak zie in mijn praktijk. Heel veel van de veel voorkomende en diepste problemen bij ouders kwamen perfect overeen met het lijstje van dingen die ik had ervaren. Bijvoorbeeld, ze voelen zich geïrriteerd tegenover hun kinderen, hebben moeite om hun intuïtie te horen of ernaar te luisteren, gaan op zoek naar een “experten stem”, enzovoort.

 

Ik opper de gedachte… Zou het kunnen dat vele ouders eigenlijk al van bij de geboorte een gelijkaardige traumatische ervaring meemaken – één gelijkaardig aan die die ik op een later moment had met mijn dochter? Zou het kunnen dat de reacties van ouders eigenlijk zeer “natuurlijk” zijn – in de zin van: een logische en lichamelijke aanpassing aan trauma? Als dat zo is, moeten we dan niet minder inzetten op het “opvoeden” van ouders en meer op het vermijden van traumatische geboortes? Moeten we dan niet inzetten op het genezen van trauma eerder dan het beschamen van moeders en vaders omdat ze hun ouderrrol zogezegd “niet goed vervullen” of de oorzaak zijn van gedragsproblemen in hun kind; gedragsproblemen die een natuurlijk gevolg zijn van een verstoorde, vroege hechting?

 

Ik zit al even met deze overtuiging te spelen. Gisteren zag ik op een forum over ouderschap de vraag passeren van een moedige mama. Ze vertelde over het trauma dat ze had ervaren bij de geboorte van haar kind. Er kwamen massaal veel reacties van andere mama's die precies hetzelfde hadden ervaren… Ik stond zelf nog versteld van het grote aantal reacties. Tijd om met deze blog naar buiten te komen, zo blijkt...