Blog

Ditjes en datjes...

Over hoe opvoeden vandaag òòk kan!

Afleiden? Of niet?

Eén van de adviezen die het meest gegeven wordt aan ouders is om hun kind – wanneer er spanning is; wanneer kind is droevig of een woedeuitbarsting heeft – af te leiden. Zelf kies ik ervoor om dit niet te doen bij mijn dochter. De meeste voorbijgangers kijken vreemd op wanneer ze zien dat ik mijn dochter laat huilen/boos zijn/enzovoort tot het vanzelf stopt. Waarom ik het doe?

 

 Flickr Commons, Greg Westfall

Flickr Commons, Greg Westfall

 

1. Elk kind wordt geboren met een natuurlijk ingeboren “herstelrespons”. Dat wil zeggen dat wanneer spanning of frustratie te hoog oploopt in het lichaam, het lichaam zélf mechanismen inschakelt om de spanning te ontladen. Die mechanismen zijn bvb. schudden en beven, maar ook huilen en boos worden. Wanneer we dit proces van ontlading onderbreken, dan onderbreken we een herstelproces waarin ons kind zich begeeft. Spanning blijft dan in zijn lichaam hangen en gaat geleidelijk aan voor problemen zorgen.

 

2. Een kind ontlaadt, wanneer we hem afleiden, niet alleen de spanning niet in het moment. Hij leert de biologische herstelrespons niet vertrouwen. Hij zoekt dus meer en meer afleiding om situaties van spanning te boven te komen. Dit kan nooit succesvol zijn want op het niveau van het lichaam blijft de spanning voortbestaan. Die kan dan op onverwachte momenten opstoten (ook bij jou als ouder, trouwens, denk bijvoorbeeld aan het fenomeen burn-out). Ouders voelen zich dan vaak uit het lood geslagen.

 

3. Wanneer een kind bij het einde van de boosheid of huilbui is kunnen komen, dan ontstaat er vanuit hemzelf een creatieve probleemoplossende beweging. Vroegtijdig een kind afleiden zorgt ervoor dat een kind deze beweging niet kan maken en inoefenen.

 

 

4. Een kind dat wordt afgeleid krijgt vaak impliciet de volgende boodschap mee van de verzorger: “ik voel me niet comfortabel met deze emotie.” Een kind leidt daaruit af dat je als verzorger niet in de leiding bent. Hij zal zich minder veilig voelen bij jou en bij de sterke emoties die hij ervaart. Hij kan ook aan zichzelf gaan twijfelen en zich meer terughoudend of net hoogmoedig gaan opstellen.

 

 

Kortom, wenen, boos zijn, enzovoort zijn uiterst gezonde en efficiënte manieren voor het lichaam om spanning los te laten van overweldigende ervaringen. Een kind afleiden (of belonen om dit niet te doen) betekent dat je als ouder deze uiterst gezonde respons remt.

 

Het kan best lijken dat een kind een emotie ervaart die buiten proportie lijkt te zijn voor hetgeen net is gebeurd. Vaak heeft dit ermee te maken dat het kind een opeenstapeling van momenten van spanning doorheen de dag niet heeft kunnen ontladen. Denk maar aan de prikkels die een 3-jarige opdoet op school terwijl deze vele ervaringen nadien zelden met een hechtingsfiguur worden overlopen en verwerkt. Het is precies om deze reden dat een half uur vrij spel (Waarbij je je kind volgt, zonder te oordelen, bij wat en hoe het wilt spelen. Vaak kan hij op die momenten uiten wat hij “spannend” vond doorheen de dag) - liefst elke avond - vaak wonderen doet. Een kind kan spannende momenten op een gunstige manier verwerken en loslaten, met steun van de ouder.

 

We denken al te vaak dat kinderen alleen alle spanningen van een overvol dagschema kunnen verwerken. Het is echter zo dat kinderen nog lang de hulp van volwassen spilfiguren nodig hebben om zichzelf emotioneel te reguleren. Dat heeft ook een impact op de regulatie van het zenuwstelsel.

 

Een andere reden waarom de emotie die je kind ervaart buiten proportie lijkt te zijn is omdat de “kleine dingen” voor een kind ook vaak geen “kleine dingen” zijn – vaak ook niet voor ons trouwens, wanneer iemand ze met ons doet (ik zeg maar iets, wanneer we gedwongen worden om iemand een kus te geven wanneer we dit eigenlijk niet willen). Heel wat recent onderzoek toont aan dat het lichaam echt wel weet wat schokkende ervaringen waren en wat niet. Het lichaam liegt niet. Daarom vind ik het belangrijk om het lichaam toe te laten de schokken te ontladen. Daar komt vaak een pak emotie bij kijken, en dat is ok.

 

Als ouder heb je ook de taak om je kind te begeleiden bij het gepast uitdrukken van harde emoties zoals droefheid en boosheid. Zo kan je bijvoorbeeld je kind uitnodigen om op je handen te duwen wanneer hij echt heel boos is. “Boosheid is ok. Laat maar los. Ik ben in de leiding. Ik zorg dat jij veilig bent, en iedereen van wie je houdt. Je kan op mij steunen.”