Blog

Ditjes en datjes...

Over hoe opvoeden vandaag òòk kan!

Hoe leren kinderen nu “goedendag” zeggen? (en “dank je” en “sorry”)?

Er bestaan heel veel goede teksten die de nadelen belichten van een aanpak die kinderen dwingt om “hun woorden te gebruiken”. De volgende nadelen worden vaak vermeld:

- we manen kinderen aan om oneerlijk te zijn; het kind leert dat een "woord" - al meende hij of zij het niet - "voldoende" is om "eer te herstellen"

- we focussen op extrinsieke in plaats van intrinsieke motivatie

- het kind ervaart “er niet toe te doen”, want het kind wordt niet beluisterd

- enzovoort

 

Wat is nu de dieper liggende reden voor het ongemak dat zowel ouders als kinderen rond heel deze kwestie voelen? Wat zien we eigenlijk gebeuren bij kinderen wanneer we hen aanmanen om "goedendag of dank je" en "sorry" te zeggen?

 

Het valt me heel erg vaak op dat kinderen die gedwongen worden (mama of papa geeft de “prompt”) om “goedendag” te zeggen, “sorry” te zeggen of “met twee woorden te spreken” dit (véél) minder dan gemiddeld uit zichzelf doen. Het is alsof ze afwachten: “mama of papa geeft wel aan wanneer het de moment is.” Ook zie ik zelden een blik van vreugde: “dit wou ik je vertellen!” Ik zie kinderen vaak iets mompelen – en nog vaker, verlegen wegkwijnen achter de benen van mama of papa.

 Foto Flickr Commons, Lars Plougmann

Foto Flickr Commons, Lars Plougmann

 

Wanneer je een kind “pusht” om iets te doen dan reageert een kind vaak met "tegen-zin". In het Engels heet dit "counter-will" (de term doet al de ronde sinds - hou u vast! - 1892! De 8 klopt!).

Een kind dat zich "gedwongen" voelt om iets te zeggen of doen, zonder dat het het uit zichzelf doet, voelt vaak dat zijn ouders hem of haar "niet goed genoeg vinden". De reactie is dikwijls: “ik haat dit” of “ik kan dit niet” (vertaal maar als: “ik weet niet wanneer ik dit moet zeggen of hoe ik sociaal moet zijn"). Ontmoetingen krijgen een gedwongen karakter.

 

Hoe komt het dat we als ouders toch vaak deze strategieën toepassen?

Eerst en vooral omdat er zo'n druk ligt op ons ouders om ons kind te laten inpassen in een "sociaal lichaam" dat hen eigenlijk nog niet past. Hoewel ze erin groeien, wordt van ouders verwacht dat we er maar voor zorgen dat je kind zijn of haar "sociale" kleren aanheeft voor hij of zij uit de moederschoot komt. Er wordt van van ons verwacht dat we onze kinderen "reguleren". Eigenlijk wordt verwacht dat een kind maar niet te veel kind is. Want dat is luid, en onhandig, en ... o jee, kinderen vinden spelen soms leuker dan beleefd zijn!

Er is nog een andere reden waarom we onze kinderen zo vaak aanmanen tot dit of dat: dat is dat ons vertrouwen in het spontane leren van kinderen ver zoek is. "Wat hen niet expliciet wordt geleerd, dat komt niet binnen," lijken we te geloven. Dus leren we kinderen alles op een schoolse manier, ook thuis. De basisassumptie daar zeg dan weer iets - diep verdoken - over hoe we kinderen eigenlijk zien: als "goede wezens" die maar wat graag geliefd worden en ons als ouders willen volgen, of als kinderen wiens "moeilijke natuur" in bedwang gehouden moet worden. Onze cultuur mag dan niet meer "expliciet Katholiek" zijn; heel veel van het onderliggende gedachtegoed van tijden waarin de Wil van het kind als überproblematisch werd beschouwd leven in hun diepste kern nog verder, namelijk als assumpties over wie kinderen in weze zijn. Of we hen kunnen vertrouwen of niet. 

 

Goed, maar hoe leren ze het dan?

 

Helemaal uit zichzelf. Herinner je je deze nog? 

Laat kinderen nog een paar maanden na de “sociaal verwachte culturele datum” geen “sorry, dank je of goedendag” zeggen en die komen vanzelf. Met vreugde. Welgemeend. Nog niet altijd, maar meer en meer. Omdat ze het willen zeggen.

 

Het stuk “repressie” dat zich toont als schaamte bij kinderen die worden gedwongen om deze woorden te zeggen, zie je bij kinderen die op hun eigen tijd deze sociale gebruiken konden leren en aannemen, niet. Een waardevol verschil, toch?